Café Insulinde

Ger stond in het portaal van café Insulinde een sigaret te roken. Café Insulinde is een ouderwets Amsterdams café. Zo eentje met vitrage voor de ramen, waar nog een biljart midden in de zaak staat. Voor de speelfilm over André Hazes zijn hier pas nog opnames gemaakt.
Ruim tien jaar fiets ik hier een paar keer per week langs, maar het was nog nooit in me opgekomen om eens naar binnen te gaan. Nu was ik nieuwsgierig.
In ruil voor zijn medewerking wilde ik met Ger een biertje drinken. Gelukkig heb ik intussen de leeftijd bereikt dat ik zonder argwaan te wekken tussen de stamgasten kan gaan zitten. Het bier zat in flesjes en de gokkast rinkelde.
Toen ik op de vraag naar het hoe en waarom antwoordde dat ik al jaren op straat foto’s maak, zei Ger: ‘Dan ken je vast Cor Jaring wel. Dat is een volle neef van me. Ik kom ook van Kattenburg. Ome Willem, z’n vader, had daar een uitdragerij. Cor werkte in de haven, maar ik had andere plannen. Toen ik zestien was kocht een kiepwagen. Ik had geeneens een rijbewijs, dat kon toen allemaal. Twintigduizend gulden. Binnen een jaar had ik de bank terugbetaald. Duizend per week verdiende ik. Een huis vol mooie spullen hadden we. Belt er op een dag een kerel van de belastingen aan. Ik weet het nog precies: het was de verjaardag van Willy. Hij zegt: ‘Ik kom honderdzeventwintigduizend gulden btw ophalen.’ Ik zeg: Wil je het meteen hebben of drink je nog een cognaccie? Na de vierde zei die dat hij later nog wel eens terug zou komen. Uiteindelijk hebben ze een openbare verkoping gehouden, het hele huis leeg. Maar m’n oom, die goed geld had, had alles gekocht. Kreeg ik het weer van hem. De rest werd kwijtgescholden, als ik maar nooit meer voor mezelf zou beginnen.
Het was een heel andere tijd. Veel gemoedelijker. Tegenwoordig is de Indische buurt de Indische buurt niet meer. Verbeterd, zeggen ze. Maar de prijzen die de mensen nou voor een woning moeten betalen. Logisch dat er hier in het café bijna niemand meer komt, ze houden geen cent over voor een pilsje.

Ger, rechts in het portaal
Ger, rechts in het portaal

Gesoigneerd

Wie met enige regelmaat in de Javastraat komt, heeft hem vast wel eens zien lopen. Hij is nogal een verschijning. Altijd in pak, of ten minste in colbert met bijpassende pantalon, haren keurig gecoiffeerd, bidketting in de hand, kortom een gesoigneerd man.
Een paar jaar geleden fotografeerde ik meneer Dahhan terwijl hij in vol ornaat zijn fiets repareerde. Sindsdien groeten wij elkaar. Vandaag ziet hij er werkelijk onweerstaanbaar uit; tijd voor een foto.
“Fotograaf”, zegt meneer Dahhan, voordat ik een foto mag maken: “Is dat daar een echte politiecamera?”
“Dat lijkt mij wel”, zeg ik.
“Hoe kan het dan dat ik hier door twintig man in elkaar geslagen ben, en ik nu als verdachte voor de rechter sta?”
Er volgt een verhaal over bedreigingen, intimidaties en spuugpartijen tussen hem en zijn voormalig schoonfamilie. Het gebeurd wel vaker dat ik gezien wordt als vertegenwoordiger van het blanke establishment en een oplossing moet brengen. Waarom weet ik niet. Ik heb er geen zin in vandaag, en kap zijn verhaal af. Ik maak de foto.
“Daar verderop woont ook een fotograaf”, zegt hij, “die vraagt mij steeds of hij een foto mag maken. Nee, zeg ik, ik heb mijn eigen fotograaf: Michel Honig. Hij mag mij als enige fotograferen.”
Kijk, dát vind leuk om te horen.

Ben Dahhan
Ben Dahhan

Kettingkast

Ik: ‘Lukt het?’
Hij: ‘Ja, mijn kettingkast zat los.’
Ik: ‘Pas op voor je pak.’
Hij: ‘Even kijken hoe dit ook al weer zat.’
Ik: ‘Als ik op straat mijn fiets sta te repareren komt er ook altijd wel iemand een praatje maken.’
Hij: ‘In Marokko is het heel gewoon om op straat te sleutelen. Een neef van me is monteur. ’s Morgens begint hij aan een auto, alle onderdelen legt hij netjes om zich heen op de stoep, en hij stopt ’s avonds pas als de auto weer in elkaar zit.’
Ik: ‘Moet ik je helpen?’
Hij: ‘Kan je dit even vasthouden? Dit boutje moet door die gaatjes…’
Ik: ‘Laat mij eens proberen.’
Hij: ‘Mijn buurman heeft net ook een foto van me gemaakt. Ik zal hem even roepen. Buurman, buurman, heb je net een foto van me gemaakt? ‘
Buurman (uit het raam): ‘Ja, ik heb net een foto van je gemaakt.’
Hij: ‘Zie je wel.’
Ik: ‘Het lukt mij ook niet.’
Hij: ‘Laat maar zitten, het komt later nog wel eens.’

‘In Marokko is het heel gewoon om op straat te sleutelen.
‘In Marokko is het heel gewoon om op straat te sleutelen.